Paniek in Vleeshuismuseum

Eind juni deed de ochtendploeg van het stedelijke Vleeshuismuseum een zeer akelige ontdekking. Aan de voet van de stadsmammoet werden op verschillende plaatsen kleine hoopjes poeder gevonden. De opvatting dat het hier niet om banale hoopjes museumstof ging zorgde al vrij snel voor paniekerige taferelen.

‘Stof is hier schering en inslag moet je weten. Soms krijgen we zelfs de vraag of het deel uit maakt van de vaste collectie. Maar deze keurig opgehoopte hoeveelheden sloegen zelfs ons met verstomming. Toen we moesten vaststellen dat onze goeie ouwe ‘Maurits’ – mammoet en tevens trots van het museum – enkele ribben en een scheenbeen miste ging onze alarmbel helemaal af.’ aldus Frieda De Kelder, duidelijk nog onder de indruk.

Het op dat moment talrijk aanwezige publiek werd vriendelijk verzocht de instelling te verlaten en de deuren werden onmiddellijk gesloten. Beenkundige Herman Haentjens werd ter plaatste geroepen om het plaats delict af te stappen. ‘Het was meteen duidelijk dat het hier om een beginnende vreetsessie van de solitaire knokentor ging. Deze tor is amper een paar millimeter groot maar heeft in zijn eentje op enkele dagen een hele mammoet achter de kiezen. David tegen Goliath zeg maar.’, knipoogde de heer Haentjens samenzweerderig, ‘Tijdens eerder labo onderzoek heb ik deze kleine vreter op een half uurtje het volledige skelet van een schrielkip (Lat. Pollo Joycede Trochiae) weten wegwerken. Toch is dit geen drama. De hele handel inwrijven met houtlijm van de Gamma en die tor legt binnen het kwartier het loodje. Jammer van de reeds verloren beenderen, maar de schade is dankzij de reactie van het alerte museumpersoneel tot een minimum beperkt.’

Om paniekreacties onder de Dendermondse bevolking te vermijden werd deze delicate problematiek tot op heden in stilzwijgen gehuld. Nu het gevaar geweken is moet de doordeweekse skelettenrecreant uit het Dendermondse dus niet meer te vrezen voor eventuele schade aan zijn collectie gemonteerde beenderen.

Edit : Onze redactie weet uit goede bron dat zowel de ribben als het scheenbeen inmiddels vervangen zijn door identieke exemplaren van papier-maché en plakkaatverf en dat er van het hele drama nog amper iets te merken valt.

About Hipoliet Beschenstruyck

Hipoliet Beschenstruyck
Cum laude afgestudeerd aan de kleuterafdeling van het Institut Scientifique Des Enfants terribles à Carcassonne. Ervaringsdeskundige op het gebied van tempeliersonderbroeken en de zuurtegraad van vergeelde perkamentrollen. Verwoed verzamelaar van middeleeuwse graansoorten en als broodschrijver voorheen actief bij 'Le journal saintgilloise' en landbouwmagazine 'La Dernière Beurre'.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*