
Wanneer banaliteit zich tooit met onze typografie, moeten wij spreken. De Klaptand, doorgaans te waardig om te schreeuwen, voelt zich verplicht de pen te heffen tegen een vorm van heiligschennis die zelfs onze meest cynische redacteurs deed kirren van afkeer: ons logo, schaamteloos misbruikt door DKV De Mikkadoos. Wat volgt is geen klacht, maar een morele reiniging. Een redactioneel exorcisme in open briefvorm.
De redactie van De Klaptand heeft met stijgende afschuw — en een lichte drang tot mondspoeling met iets sterker dan Listerine — vastgesteld dat ons logo, het trotse symbool van journalistieke ernst, intellectuele zelfkastijding en redactionele zelfhaat, schaamteloos wordt misbruikt door DKV De Mikkadoos.
Wij hebben lang getwijfeld of we moesten reageren. Niet uit twijfel, maar uit walging. Want hoe reageer je op iets dat niet alleen het verstand, maar ook de esthetiek geweld aandoet? Uw affiche is geen uitnodiging. Ze is een bedreiging — voor smaak, taal, en het idee dat mensen ooit hebben leren nadenken.
Laat ons dit voor eens en voor altijd duidelijk stellen: De Klaptand heeft niets te maken met carnaval.
Niet met uw stoet, niet met uw bal, niet met uw eetfestijn waar vol-au-vent verdrinkt in mayonaise en vals enthousiasme.
Wij schrijven columns, geen carnavalsliedjes.
Wij cultiveren cynisme, geen confetti.
Wij geloven in stijl, niet in slipjes met glitter.
U heeft ons niet geëerd, u heeft ons bevlekt.
Laat ons mild zijn: wij begrijpen dat carnaval belangrijk is. Net zoals wij begrijpen dat sommige mensen hamsterverzamelingen hebben of menen dat mayo op pizza kan. Dat wil echter niet zeggen dat wij het moeten goedkeuren.
Dat ons logo — zorgvuldig opgebouwd uit zweet, sarcasme en typografische trots — nu prijkt op een aankondiging van een evenement voor clowns met leverproblemen en tussen lettertypes die zelfs Microsoft Word zouden doen huilen, is niets minder dan esthetische heiligschennis.
Wat u gedaan heeft, waarde Mikkadozen, is niet zomaar een vergissing.
Het is alsof men het wapenschild van Dendermonde zou herleiden tot een bierviltje, alsof men de Ros Beiaardommegang zou afsluiten met ‘Sandstorm’ van Darude, alsof men de Mona Lisa een snor zou geven en eronder zou zetten: ‘ALAAF!’.
Wij zijn De Klaptand.
Wij zijn de geest van de krant die nog weet wat interpunctie is.
Wij zijn het zuur na het zoet, de kater na het vat, de stilte na de fanfare.
Wij lachen niet met u — wij lachen om u.
Wij zijn de schaduw over uw confettifeest, de bittere nasmaak in uw lauwe pils, het koude besef op maandag dat het leven meer is dan een kostuum van plastic en een slecht getimede polonaise.
Wij zijn niet uw lach, maar uw kater.
Niet uw applaus, maar uw echo.
Niet uw polonaise, maar de stilte erna waarin u beseft dat u geen idee hebt wat u eigenlijk gevierd hebt.
Wij gunnen iedereen zijn plezier.
Maar niet als het luid is.
Niet als het ruikt naar pils, zweet en zelfmedelijden.
Niet als het wordt voorgesteld als cultuur terwijl het amper boven het niveau van een uit de hand gelopen studentendoop stijgt.
Wij dulden geen confetti op onze letters.
Wij dulden geen clowns in onze marge.
Wij dulden vooral geen Mikkado die zich tooit met onze geestige ernst alsof het een pluim is op een vettige steek.
Wij eisen, met de waardigheid van een gemeentelijke klacht in viervoud:
- Onmiddellijke verwijdering van ons logo uit al uw carnavaleske propaganda.
- Een publieke verontschuldiging, uitgesproken met minstens dezelfde decibels waarmee u doorgaans ‘ALAAF!’ brult.
- Een schriftelijke garantie dat De Klaptand nooit meer geassocieerd wordt met evenementen waar het IQ van de aanwezigen omgekeerd evenredig is aan het aantal lege pinten.
- Een bindend akkoord dat De Klaptand nooit meer in één zin wordt genoemd met woorden als “stoet”, “bal”, of “après-ski
Begrijp ons goed: wij hebben niets tegen plezier — mits het discreet, beschaafd en zonder verkleedkledij gebeurt. Wij erkennen folklore, zolang ze op minstens honderd meter afstand van onze redactie blijft.
Wij feliciteren DKV De Mikkadoos zelfs met hun enthousiasme, hun creativiteit, en hun onwrikbare overtuiging dat banaliteit ook een kunstvorm kan zijn. Dat is op zich bewonderenswaardig.
Carnaval, zo u het woord durft gebruiken, is een jaarlijks ritueel van collectieve vergetelheid.
Een moment waarop Dendermonde besluit dat beschaving tijdelijk mag worden ingeruild voor piepschuim, lawaai en het idee dat een man verkleed als vrouw per definitie grappig is.
Uw zogenaamde “traditie” is niets meer dan georganiseerde vergetelheid.
Een jaarlijkse collectieve hersenblessure die men verwart met folklore.
Een excuus om te drinken, te brullen, en even te doen alsof banaliteit een volkskunst is.
Uw cavalcade is alleen bruikbaar voor een wetenschappelijk onderzoek naar hersenparasieten.
Mocht ons logo ooit nog verschijnen in een carnavaleske context dan overwegen wij juridische stappen wegens grafische terreur, typografisch vandalisme en morele mutilatie.
Met geslepen pennen, zure elegantie en tanden die enkel klapperen van verontwaardiging,
De redactie van De Klaptand
(Satirisch. Onafhankelijk. En sinds 2013 volledig gevaccineerd tegen carnaval in al zijn mutaties.)
Noot van de redactie: tijdens het opstellen van deze brief werden drie redacteurs tijdelijk geschorst wegens het neeuriën van respectievelijk ‘Heb je even voor mij‘ en ‘Bitterballen en een meter bier‘.




één reactie